Vlaamse en federale regering slaan handen in elkaar voor snellere terugkeer naar werk van langdurig zieken
De Vlaamse en federale regering sluiten een nieuw protocolakkoord om langdurig zieken met arbeidspotentieel sneller en beter te begeleiden naar werk. Met dit akkoord versterken Vlaams minister van Werk Zuhal Demir en federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Frank Vandenbroucke hun samenwerking rond de re-integratie van langdurig zieken.
De voorbije jaren is er door zowel de federale als de Vlaamse regering intensief gewerkt aan de uitbouw en versterking van het Terug naar Werk-beleid voor mensen die getroffen zijn door ziekte. Zo besliste de federale regering tijdens het laatste begrotingsconclaaf om een vierde golf aan maatregelen door te voeren, met als doel langdurig zieken in ons land te responsabiliseren en alle kansen te bieden om opnieuw aan het werk te gaan. In Vlaanderen wordt samen met de VDAB actief ingezet op gerichte trajecten, projecten en jobcoaching om werknemers met gezondheidsproblemen te reactiveren en aan het werk te houden. Met succes want op dit moment slaagt VDAB erin om 39% binnen de 24 maanden aan het werk te krijgen.
Om dit mogelijk te maken, engageren de federale en Vlaamse overheid zich samen om alle betrokken actoren actief mee te nemen in dit verhaal: werkgevers, artsen, mutualiteiten, werknemers en de deelstaten. Alleen via een gedeelde verantwoordelijkheid en een sterke samenwerking tussen alle partners kan de verdere stijging van het aantal langdurig zieken worden afgeremd.
Vlaamse regering en federale regering slaan handen in elkaar
Vlaanderen wil in het Terug naar Werk-beleid mee het voortouw nemen. De federale en de Vlaamse overheid slaan daarom de handen in elkaar, met een nieuw protocolakkoord, om het groeiend aantal langdurig zieken aan te pakken via een geïntegreerd beleid dat drempels wegneemt, processen vereenvoudigt en beter inspeelt op de mogelijkheden van mensen.
De doelstelling is alvast ambitieus. Zo zal het aantal “Terug naar Werk”-trajecten fors worden uitgebreid. Tegen 2029 moeten jaarlijks minstens 20.000 trajecten worden opgestart, met een stapsgewijze groei vanaf 15.000 trajecten in 2026.
Het akkoord steunt op duidelijke krachtlijnen:
- Snellere en gerichte toeleiding van arbeidsongeschikte personen naar begeleiding
Personen met arbeidspotentieel zullen sneller worden doorverwezen naar VDAB, onder meer via ziekenfondsen, artsen en arbeidsartsen. De begeleiding vertrekt vanuit wat mensen nog wél kunnen en biedt trajecten op maat, met als doel een duurzame terugkeer naar werk binnen maximaal 24 maanden.
Ook het engagement van de betrokken persoon wordt versterkt, met duidelijke rechten en plichten. Indien afspraken niet worden nageleefd, kunnen sancties volgen. Langdurig zieken zullen zich bovendien eenvoudiger en sneller spontaan bij VDAB kunnen aanmelden. Waar vandaag nog een wachttijd van 12 maanden geldt, wordt dit verkort naar 6 maanden, en zelfs afgeschaft voor personen zonder arbeidsovereenkomst.
Het traject is niet langer vrijblijvend. Er wordt actieve medewerking verwacht, zoals een verplichte inschrijving en aanwezigheid bij het eerste contactmoment. Wie hier zonder geldige reden niet aan voldoet, kan een sanctie krijgen. De bestaande sancties binnen het federale kader worden in 2027 geëvalueerd.
- Intensieve en resultaatgerichte ondersteuning op maat
De federale overheid blijft de trajecten financieren, maar koppelt een deel van de middelen aan effectieve resultaten, zoals het vinden van werk. De begeleiding blijft kosteloos voor de betrokken personen. VDAB zal er voor zorgen dat uiterlijk 6 weken na inschrijving een individuele trajectovereenkomst wordt afgesloten met de langdurig zieke.
- Betere gegevensuitwisseling tussen betrokken diensten en administratieve vereenvoudiging
Om de samenwerking efficiënter te maken en de langdurig zieke beter te kunnen begeleiden naar een nieuwe job, komt er een nieuw digitaal platform voor gegevensuitwisseling tussen VDAB, RIZIV en ziekenfondsen. Tegelijk worden administratieve procedures vereenvoudigd om de drempels voor de doelgroep te verlagen.
Gezamenlijke verantwoordelijkheid
Het akkoord benadrukt tenslotte dat een succesvolle terugkeer naar werk een gedeelde verantwoordelijkheid is van alle betrokken actoren: de persoon zelf, ziekenfondsen, VDAB, zorgverleners en werkgevers. Het protocol treedt in werking bij ondertekening en loopt tot het einde van de legislatuur, met jaarlijkse evaluaties om de impact en uitvoering bij te sturen.
“We moeten mensen die langdurig ziek zijn geweest alle kansen bieden om terug aan het werk te gaan. Daarom gaan we nog intensiever samenwerken met de deelstaten om ervoor te zorgen dat mensen beter toegeleid worden naar en begeleid worden door de VDAB. Enkel door goede samenwerking tussen alle verschillende actoren kunnen we ervoor zorgen dat we mensen alle mogelijkheden geven om terug actief te zijn in de maatschappij. Iets wat henzelf, en de volledige samenleving enkel ten goede komt.” – Frank Vandenbroucke
“We kijken niet langer naar wat iemand door ziekte niet kan, maar naar wat iemand wel kan. Met VDAB begeleiden we mensen stap voor stap terug naar werk, op hun tempo en met aandacht voor hun situatie. Werk geeft niet alleen een inkomen, maar ook opnieuw houvast en eigenwaarde. We helpen mensen aan een job en tegelijkertijd maken we onze sociale zekerheid future-proof.” – Zuhal Demir.