Obesitas vraagt sterk beleid, geen terugbetaling van Wegovy

De Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen (CTG) binnen het RIZIV onderzocht de mogelijke terugbetaling van Wegovy, een geneesmiddel op basis van semaglutide voor de behandeling van obesitas in combinatie met leefstijlinterventies. Hoewel erkentelijk voor de bijdrage tot gewichtsverlies, gaf de CTG een negatief advies voor terugbetaling. Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Frank Vandenbroucke volgt dat advies. “De beslissing om het CTG-advies te volgen was niet evident. Obesitas is een chronische ziekte, die net als alle andere chronische ziektes de beste en vooral de juiste zorg verdient.  Een chronische behandeling houd je enkel vol door patiënten centraal te plaatsen en hen te omringen met gepaste vormen van en ondersteuning, in samenwerking tussen verschillende disciplines zorg. Niet alleen medicatie maar ook intensieve begeleiding door kinesitherapeuten, diëtisten, psychologen en simpelweg een gezonde levensstijl. 

Obesitas is een ernstige en complexe chronische aandoening. Ze heeft een grote impact op de gezondheid, het welzijn en de levenskwaliteit van mensen. Ze verhoogt het risico op onder meer diabetes, hart- en vaatziekten en andere aandoeningen, en gaat bovendien vaak gepaard met stigmatisering. De hoop op krachtige nieuwe behandelingen is dan ook begrijpelijk. 

België kampt, net als veel andere landen, met een groeiend aantal burgers met overgewicht of obesitas. In 2022-2023 had 49 procent van de Belgische bevolking (ouder dan drie jaar) overgewicht, waarvan 18 procent obesitas. The Lancet schat dat tegen 2050 bijna 70 procent van de mensen in België overgewicht zal hebben als de trend van de epidemie niet gebroken wordt. De behandeling maar ook het voorkomen van obesitas, inbegrepen levensstijl en een gezonde voedselomgeving, moeten dus hoog op onze agenda staan. 

Studies tonen aan dat semaglutide, in combinatie met leefstijlinterventies, meer gewichtsverlies geeft dan leefstijlinterventies alleen. Ook bij patiënten met obesitas en bestaande hart- en vaatziekten werd een daling van bepaalde cardiovasculaire gebeurtenissen vastgesteld tijdens de behandeling.  

Tegelijk staan tegenover dat effect belangrijke onzekerheden. Het effect op de levenskwaliteit is niet eenduidig, en een effect op de sterfte is in de studies niet aangetoond. Bovendien hangt het effect grotendeels af van het blijven nemen van het middel. Wanneer de behandeling wordt stopgezet, neemt het gewicht opnieuw toe. Daarbij komen vaak voorkomende maag- en darmklachten zoals misselijkheid, diarree en braken. Wegovy is niet te beschouwen als een korte, corrigerende behandeling die obesitas oplost, maar als een langdurige, chronische behandeling. 

Binnen een gespecialiseerd en gestructureerd traject, voor welomschreven groepen met ernstige obesitas en duidelijke gezondheidsproblemen, is gewichtsmedicatie wel degelijk nuttig. Maar zo'n volwaardig, patiëntgericht kader, dat vertrekt vanuit de eerste lijnszorg, maakte geen deel uit van deze aanvraag. Over hoe dergelijk zorgpad er zal uitzien, lopen momenteel gesprekken tussen het RIZIV, de FOD Volksgezondheid, het kabinet en de wetenschappelijke Belgian Association for the Study of Obesity. 

De budgettaire inzet bij de aanvraag voor Wegovy is van een andere orde dan bij de meeste geneesmiddelen. Wegovy is één product in een snelgroeiende klasse, en een terugbetaling zou een precedent scheppen voor de hele groep van obesitasmedicatie. Eerdere berekeningen tonen dat de medicamenteuze behandeling van obesitas, in een scenario waarin alle rechthebbenden effectief zouden worden behandeld, kan oplopen tot meerdere miljarden euro per jaar, en zelfs tot meer dan de helft van het totale geneesmiddelenbudget. Een dergelijke uitgave, voor een behandeling waarvan het effect verdwijnt zodra ze stopt, zou andere noodzakelijke zorg voor andere patiënten verdringen, zonder dat vaststaat welk gezondheidseffect we er in de bevolking voor terugkrijgen. 

Internationale context 

Het Nederlandse Zorginstituut adviseerde om Wegovy niet te vergoeden, onder meer wegens onzekerheden over de gezondheidseffecten, risico’s en impact op het zorgbudget. Ook Duitsland, Noorwegen en Denemarken, nochtans het land met de hoofdzetel van Novo Nordisk, het bedrijf dat Wegovy op de markt brengt, betalen niet terug.   

Internationale studies bevestigen bovendien dat het effect grotendeels afhangt van het blijven nemen van het middel. Een recente systematische review met meta-analyse in de BMJ stelt vast dat het gewicht na het stopzetten van de behandeling opnieuw toeneemt, en het snelst bij de recente middelen op basis van semaglutide en tirzepatide: na het stoppen kwam het gewicht bij die patiënten ongeveer 0,8 kilogram per maand sneller terug dan bij patiënten die in dezelfde studies een placebo hadden gekregen. Uit indirecte vergelijking blijkt bovendien dat het gemiddeld anderhalf jaar duurt na het stoppen van een medicamenteuze behandeling voor het gewicht terug op het oorspronkelijke niveau is. Bij wie een behandeling gericht op levensstijl volgde, duurt dat na het einde van dat programma bijna vier jaar. Ook de gunstige effecten op de bloeddruk en de bloedsuikerwaarden verdwijnen na het stoppen, binnen enkele maanden tot ongeveer anderhalf jaar. Het gewichtsverlies en de daaraan gekoppelde cardiovasculaire voordelen gelden dus enkel zolang men het middel blijft gebruiken. 

Dat verklaart waarom zelfs het Verenigd Koninkrijk, dat de behandeling wel terugbetaalt, dat enkel doet binnen gespecialiseerde gewichtsmanagementdiensten, met verplichte begeleiding, en voor semaglutide met een limiet van twee jaar. Die tijdslimiet legt de kern van het probleem bloot. Het Britse gezondheidsinstituut NICE gaat er zelf van uit dat de gewichtstoename binnen twee jaar na het stoppen optreedt. Een patiënt die na die periode de behandeling moet staken, ziet dus zowel het gewicht als de cardiovasculaire winst weer verloren gaan. Een terugbetaling die in de tijd beperkt is, financiert op die manier een tijdelijk en omkeerbaar effect, terwijl obesitas een chronische ziekte is die een duurzame aanpak vraagt. Een geneesmiddel op zich biedt daarop geen blijvend antwoord, enkel een volwaardig zorgtraject helpt mensen blijvend vooruit.